“We kiezen er niet voor om ons schuldig te voelen. Dat is niet mogelijk, omdat we geen vrije wil hebben; maar ook niet wenselijk, omdat verantwoordelijkheid niet gebaseerd hoeft te zijn op schuld.”
Dat is ongeveer de conclusie die het salondebat met Jan Verplaetse tot gevolg had. Hijzelf verwoordt de conclusie niet zo kort, onvoorzichtig (“keuze”) of in overbodige bewoording (“voelen”). De verklaring en rechtvaardiging van de uitspraak, die zijn woord voor woord overeenkomstig met zijn opvattingen.
Ten eerste, moeten we het concept “verantoordelijkheid” onder de loep nemen. Die wordt veelal ingevuld met schuld en verwijten. Anderzijds is er ook de Plicht om de Plicht.
Als we verantwoordelijkheid nog wensen te hanteren als begrip, zal het een radicaal andere invulling moeten krijgen (de tweede) dan degene die nu gebruikelijk is. Verantwoordelijkheid kan betekenen: “Alternatieven die beschikbaar zijn om uit te kiezen”. Welke voorwaarden hebben we hier voor nodig? Ten eerste, moet de kosmos (ons brein in het bijzonder) dan op zo”n manier bestaan dat dit mogelijk is. Dan zijn er deterministen die beweren dat alles bepaald is en dat komt in conflict met vrijheid om te kiezen. Het voorbeeld dat hier gegeven wordt is dat van de hersenchirurg die telkens ingrijpt wanneer een “andere” keuze wordt genomen en niet wanneer de enige (en dus geen echte) optie wordt “gekozen”. We spreken niet (zelfs niet enkel in die gevallen waar de “juiste” optie wordt genomen en er dus een ingreep plaatsvindt) van “keuze”. Indeterministen hebben het voorbeeld van de drie biljartballen in de klassieke mechanica als voorbeeld (hoe de uitkomst toch niet vastligt) aan hun kant om tegen die positie in te gaan. Keuze komt echter niet naar voor uit deze andere zienswijze. Een andere mogelijke voorwaarde is “broncontrole”. Een kleiner “ikje”, een iets of iemand, dat de keuze maakt. Iets dat los van de causale netwerken bestaat. Dat denken (gebruik maken van een ziel en dergelijke) getuigt van dualistisch denken. Het manipulatie-argument wordt ingezet om dit idee van broncontrole tegen te gaan. Stel dat een brein gemanipuleerd wordt door een TMS-machine (Transcranial Magnetic Stimulation; lees: Een magneet tegen de schedel houden waardoor het brein anders werkt) om zo rationele deliberatie te sturen (verwant met zelfcontrole, bewustzijn, gevoeligheid voor rede). Is deze persoon (zonder diens psychologische vermogens), zonder broncontrole, verantwoordelijk? Nee. Mensen zullen al evenmin als machines of robots verantwoordelijk worden gesteld.
Straffen en boetes helpen mensen te veranderen en moeten daarom dus gebruikt blijven worden, maar mensen verdienen dat niet. Ons strafrecht moet dus een maatregelenrecht worden en is dat in grote mate reeds. Een derde van de gearrresteerden zijn geïnterneerden, dan zijn er nog een heel pak jongeren (nog wat dieren) en een heleboel risico-aansprakelijkheid waardoor er niet veel verantwoordelijkheid te bespeuren valt. Verwijten maken zorgt voor een defensieve psychologie. Het werkt niet, al lucht het wel op. Maar het meedelen van een fout, waaronder we dan verstaan, het meedelen dat iets niet in overeenstemming is met wat gevraagd wordt; dat kan wel nog. Tot daar Verplaetse’s betoog.
Meteen wordt de vragenronde ingezet met de vraag wat we moeten aanvangen met psychopaten. Wat oplossingen en antwoorden betreft, is Verplaetse voorstander van een feitenrechtbank. Ook advocaten zijn hier volgens hem op zijn plaats. Maar de schuldvraag of toerekeningsvatbaarheid als concept, dat zijn occulte praktijken. Ook bij een kind dat niet goed studeert, gaat de schuldvraag het debat niet vooruithelpen.
Ook reductionisme is niet goed voor het debat. Je kan alles reduceren tot op het allerlaagste niveau (zoals Dick Swaab doet tot in de baarmoeder) of neuronen; maar je kan beter alle omgevingsfactoren, op alle niveaus in rekenschap brengen. Verder pleit Verplaetse tegen tolerantie of onverschilligheid. Je moet eerst je begrijpende bril opzetten, in plaats van op zoek te gaan naar een schuldige. Hij gelooft wel in alternatieve opties en psychologisch kiezen (delibererend). Maar niet in de meer filosofische zin, want het brein beslist al of je kiest. Bij psychologen die een of andere theorie aanhangen in plaats van de dagdagelijkse praktijk aan hun kant te hebben, daar moet hij niet van weten. Van de wantoestanden in de praktijk weet Verplaetse ons ook het een en het ander te vertellen. De rijkspsychiaters die 100 euro per dossier, dat vier werkdagen vereist, krijgen. Om vervolgens te oordelen over toerekeningsvatbaarheid, een op zich al nonsensicaal concept.
Mensen willen vrijheid en plichtsverantwoordelijkheid. Men kan vrijwillig handelen zonder vrije wil. Dit is normatief: Liever zelf beslissen dan gedwongen te worden. Ook van autonomie is hij een voorstander. Echter niet voor een illusiemodel (doen alsof er niets aan de hand is). Nu laat men echter psychopaten vrij omdat men ze toerekeningsvatbaar acht, ook al slaan ze sowieso nog eens toe. Brevik werd aangehaald als voorbeeld. De vragen die men zich hierbij moet stellen zijn: Kan hij, eventueel na herprogrammatie, naar de samenleving (is hij een gevaar voor de anderen)? Is hij veilig in de samenleving (wilden nabestaanden wraak)? Helpt dit afschrikking (toekomstige voorvallen voorkomen)?
Indien (emotioneel geladen) verwijten functioneel zijn (zoals men in Napels meent) dan verzwakt het Verplaetse’s positie. Maar hij meent dat het (alleen al naar jezelf) voor ontgoocheling en frustratie zorgt. Mensen attent maken op hun fouten, zonder je kwaad te maken of verwijten te maken, is echter een veel betere manier van aanpakken. Zijn filosofie zorgt ervoor dat je rustiger wordt. Maar biedt geen antwoord op de vragen: “Wat doe ik vandaag? Wie ga ik tevreden stellen? Wat ga ik klaarmaken?”.
Voor dystopische toekomstbeelden moeten we ook niets vrezen. Verplaetse gelooft wel in zelfcontrole, de overheid hoeft niet alles te regelen. Straf moet soms (met pijn); alsook boetes, sancties en het concept “fout”. Maar niet het concept “schuld”. Verantwoordelijkheid is een hangmat gespannen in de kloof tussen “zijn” en “moeten”. Een illusie. Het verklikkersmodel is te zwaar. We kunnen best wat meer door de vingers zien. Zoals in Chinatown van Polanski te zien was, is alles chaos. Wat niet wegneemt dat mensen slecht kunnen zijn. Door genetische oorsprong, omgevingsfactoren of onopspoorbare oorzaken. We moeten vooral preventief en fouten vermijdend optreden. Daarom is het moeilijk te geloven dat Verplaetse schuld uit het arsenaal van gedragswijzigende maatregelen zou halen. Verplaetse is eerder voorstander de regels eens te overtreden “als het kan” en “toelaatbaar” is. Mensen zijn gehecht aan vrijheid. In Nederland is alles geordend en geregeld, dat zal ook wel een terugslag hebben (zoektochten naar anarchie). De antropologische vraag doemt op “Hoeveel onvrijheid kan een mens verdragen?” Hebben we schuldgevoelens en verwijten nodig? Grieken hadden enkel schaamte, maar geen schuld. In Orestes van Euripides is er schrik van de schikgodinnen voor een moord op de moeder, maar geen schuld. Meer nog (dan overbodig te zijn), het is schadelijk. Alcoholici geloven in vrije wil en nemen het zichzelf kwalijk en voelen zich schuldig. Recidivisme bij misdadigers ligt gelijk (of ze nu wel of geen schuldgevoel hebben).
Ik geef Verplaetse gelijk. Er is geen vrije wil. Ik erken dat onze wil gebonden is. Om willekeur en vrijblijvendheid tegen te gaan lijkt me dat zelfs een goede zaak. Liefst zou ik me binden aan iets consistent en belangrijk. Welk (bind)middel of doel ik zelf voor ogen heb of meen dat een ander heeft, dat zal ik maar niet opperen. Maar het mag duidelijk zijn dat voor Verplaetse “schuld”, “verantwoordelijkheid” en “vrije wil” geen van allen hier thuishoren.
(Xavier De Decker)